Buiten is het in maart vaak nog kil en nat, maar voor wie een moestuin heeft, begint het seizoen nu echt. Veel groenten hebben een lange groeitijd nodig of verdragen geen kou. Door ze binnen voor te zaaien, geef je ze een flinke voorsprong. Zo staan er straks stevige plantjes klaar op het moment dat de grond warm genoeg is.
In dit artikel lees je welke groenten zich goed lenen om in maart binnen te zaaien, wat je daarvoor nodig hebt en hoe je de jonge plantjes later zonder kleerscheuren naar buiten verhuist.
Deze groenten zaai je nu binnen
Vooral warmteminnende gewassen hebben baat bij een vroege start binnenshuis. Ze hebben veel tijd nodig om van zaadje tot volwassen plant te groeien, en in ons klimaat is het buitenseizoen daarvoor eigenlijk te kort. Ook een aantal stevigere gewassen kun je binnen al een duwtje geven, zodat je eerder kunt oogsten.
Een handig overzicht van groenten die je in maart binnen kunt voorzaaien:
- Tomaten: kiemen goed bij ongeveer 20 graden en groeien snel.
- Paprika en peper: hebben het liefst nog iets meer warmte, rond de 22 tot 25 graden.
- Aubergine: langzame starter, dus hoe eerder hoe beter.
- Selderij en knolselderij: piepkleine zaadjes die licht nodig hebben om te kiemen.
- Sla en vroege koolsoorten: zoals spitskool en bloemkool, die later nog koelere nachten verdragen.
Wat je nodig hebt om te beginnen
Je hebt geen kas nodig om succesvol voor te zaaien. Een vensterbank op het zuiden of westen, een paar zaaibakjes of eierdozen en goede zaaigrond zijn al genoeg. Gebruik bij voorkeur speciale zaai- en stekgrond: die is fijn, luchtig en bevat weinig voeding, waardoor de jonge wortels niet verbranden.
Een doorzichtig deksel of een stukje plastic folie over het bakje houdt de grond vochtig en warm tijdens het kiemen. Haal het deksel weg zodra de eerste groene puntjes verschijnen, anders krijg je last van schimmel. Is je huis aan de koele kant, dan helpt een verwarmde kweekmat om de kieming op gang te brengen.
Licht en water: de grootste valkuilen
Het meest gehoorde probleem bij binnen zaaien is dat zaailingen lang en slap worden. Ze rekken zich uit naar het licht, omdat er in maart simpelweg nog te weinig daglicht binnenkomt. Draai je bakjes daarom elke dag een kwartslag en zet ze zo dicht mogelijk bij het raam. Wie vaker binnen zaait, kan overwegen een eenvoudige groeilamp aan te schaffen.
Geef liever regelmatig een beetje water dan af en toe een flinke plens. Te natte grond is funest voor jonge wortels. Water bij voorkeur van onderen, door het bakje kort in een schaal water te zetten, zodat de grond het vocht zelf opzuigt. Twijfel je over de juiste aanpak voor een bepaalde groente, dan vind je op Tuinierenforum.nl meer informatie en antwoorden op allerlei vragen over tuinieren.
Verspenen: meer ruimte voor sterke plantjes
Zodra de zaailingen naast de eerste twee kiemblaadjes ook hun eerste echte blaadjes krijgen, is het tijd om te verspenen. Dat betekent dat je ze voorzichtig uit het zaaibakje haalt en elk in een eigen potje zet. Pak een plantje altijd vast bij een blaadje en niet bij het tere stengeltje, want dat breekt snel.
Tomaten mag je bij het verspenen gerust wat dieper in de grond zetten. Langs het ondergrondse deel van de stengel vormen ze extra wortels, wat zorgt voor een stevigere plant. Gebruik voor het verspenen gewone potgrond, want de plantjes hebben nu wel voeding nodig.
Afharden en naar buiten verhuizen
Plantjes die binnen zijn opgegroeid, zijn niet gewend aan wind, felle zon en schommelende temperaturen. Zet ze daarom niet in één keer buiten, maar laat ze in een week of twee wennen. Begin met een paar uur per dag op een beschutte plek in de schaduw en bouw dat langzaam op. Haal ze de eerste tijd 's nachts nog binnen.
Voor koude-gevoelige gewassen als tomaat, paprika en aubergine geldt een oude vuistregel: wacht tot na de IJsheiligen, half mei. Daarna is de kans op nachtvorst klein. Sla en kool kunnen meestal al eerder naar buiten, eventueel onder een vliesdoek. Plant bij voorkeur op een bewolkte dag of in de avond en geef direct goed water, zodat de wortels zich snel thuis voelen in hun nieuwe plek.
